Belasting op inkomen uit bv’s toe aan verbouwing
In de aanloop naar de verkiezingen van 2021 – het was midden in coronatijd – zette het CPB opties voor kansrijk belastingbeleid op een rij. Zo ook voor de belasting op ondernemingen. Er bleek wat aan de hand bij ondernemers met een eigen bv, de zogeheten directeur-grootaandeelhouders. Om fiscale redenen werd namelijk steeds meer vermogen opgepot in bv’s, ook als dat niet nodig was voor de bedrijfsvoering. Als directeuren een deel van hun inkomen in de bv lieten zitten, werd over de eerste 200.00 euro aan winst maar 15% belasting geheven. Als de winst vervolgens werd uitgekeerd, kwam daar nog box 2-heffing bovenop. Maar directeuren konden ook lenen van hun eigen bv, in dat geval konden ze over het geld beschikken zonder box 2-heffing te betalen. Geen wonder dus dat veel artsen, adviseurs en accountants een bv hebben, over een deel van hun inkomen hoefden ze dan maar 15% belasting te betalen en niet het toptarief in de loonbelasting.
Er was destijds al een voorstel gedaan om grenzen te stellen aan het onbelast lenen van de eigen bv, maar eerst gebeurde en nog iets anders. In 2022 werd de winst waarvoor het lage tarief gold namelijk verhoogd naar 395.oo0 euro. Dat was een recept voor nieuwe ontwijkingsconstructies. En ja hoor, belastingadviseurs gingen al snel reclame maken voor het splitsen van bedrijven in meerdere bv’s.
[....]